Gisteren werd bekend dat er een kamermeerderheid is voor het verplicht chippen van katten. Als dit in een wet wordt vastgelegd, dan heeft dat consequenties voor katteneigenaren maar ook voor dierenartsen en dierenasiels, zoals die van het Rijswijkse Julialaantje.

In de huidige situatie is het zo dat katten, in tegenstelling tot honden, niet gechipt hoeven te zijn. Gevolg hiervan is dat er jaarlijks duizenden rondlopende katten bij dierenasiels terecht komen, waarvan de eigenaar niet bekend is. Slechts een klein deel komt terug bij hun ‘baasje’. Een chip zou een reünie tussen kat en eigenaar makkelijk maken.

Ander voordeel van het terugdringen van het aantal zwerfkatten is dat er minder overlast is en dat de kans op besmetting van mensen met toxoplasmose kleiner wordt. Dit kan in ernstige gevallen bij zwangere vrouwen leiden tot een miskraam of aangeboren afwijkingen bij hun kind.

Voor de eigenaren van katten betekent een chipwet dit dat zij hun kat moeten laten chippen. Dit kost gemiddeld zo’n 30-40 euro. De kans dat een weggelopen/verdwaalde kat terugkomt, is wel vele malen groter dus zeker de moeite en het geld waard. De kosten bij meerdere katten kunnen echter wel behoorlijk oplopen.

Het chippen zal dierenartsen en –asiels op korte termijn veel extra werk bezorgen. Op de langere termijn is de verwachting dat de dierenasiels juist minder vol zullen zijn omdat eigenaren snel gevonden zijn. In een reactie zei een medewerkster van het Streekdierentehuis Julialaantje: “Het is heel goed voor de katten en de eigenaren als dit echt zou gebeuren, maar als echt alle katten gechipt zouden zijn, dan is er voor ons natuurlijk veel minder werk. Maar eerlijk gezegd denk ik niet dat het te controleren valt. Hoe wou men dat gaan doen met binnenkatten? Gaat men op elf hoog bij mensen aanbellen en kijken of ze een kat hebben?”

Reageer op dit artikel

Elke avond het laatste nieuws uit Rijswijk? Gratis abonneren!